De Grote Oceaan, 12 mei 2018, dag 23

Eindelijk Pacific weer!

Het lijkt erop dat de enorme plensbui niet alleen de zoutlaag van het dek heeft gespoeld maar ook alle voorbodes voor slecht weer heeft opgelost. Als het daglicht aanbreekt, is de hemel strakblauw. Zijn de eerste warme zonnestralen voelbaar. Hebben de onstuimige golven plaatsgemaakt voor een langgerekte lichte deining. Eindelijk Pacific weer. Althans het weer dat we ons voor deze oversteek hadden voorgesteld. De bimini gaat open, zonnebrand wordt gesmeerd en dan strekken we ons lui uit op de kuipbanken met een boek. Vandaag is het vakantie, alleen het strand ontbreekt nog! Tussen de middag eten we een zelfgemaakte surf en turf pizza met pepperoni en -hoe kan het ook anders- versgevangen Mahi-Mahi, de lekkerste vis op aarde. Als je wat recepten wilt? We aten de afgelopen dagen al Mahi-Mahi gestoofd in boter met (zelfgemaakte) knoflooksaus, met een (zelfgemaakte) tomaten/paprikasaus en gebakken preiringetjes, met een meegebakken laagje grove mosterdsaus (zelfgemaakt natuurlijk)en meer variaties.
We hebben genoten van een topdag waar er niet genoeg van kunnen zijn.

Helaas, de dag erop is het bijna als vanouds. Een bewolkte hemel en rollerige zee. Ken je dat tekenfilmpje nog? Volgens mij was het in het programma ‘Man bijt hond’. Het begon altijd met een rechte streep die vervolgens begon te bewegen waarna er een mannetje zichtbaar werd lopend of schoppend tegen een voetbal. Als je de uiteinden van de lijn vast had kunnen pakken en strak trekken zouden de figuren weg zijn en was het gewoon weer een strakke horizontale lijn. Op deze manier beweegt het water van de oceaan waar wij op varen. En Charlie II beweegt mee. In een straal van 9 km om ons heen golft het water dan wat hoger dan weer lager (vandaag ca 2,5 m met hogere uitschieters)met hier en daar een schuimkop. Als je maar lang genoeg tuurt en een levendige fantasie hebt, zie je allerlei figuren uit het water oprijzen. Het maakt televisie overbodig.
Pannenklemmen daarentegen zijn onmisbaar. Wijdbeens met overstrekte knieen, het bovenlichaam enigszins naar voren geheld sta ik voor ons fornuis mezelf met grote moeite in evenwicht houdend in de dansende boot. Net als ik olie in een pan giet, pakt een golf Charlie II op. Ik verlies mijn evenwicht en val naar voren. Het cardanische fornuis helt over. De pan schuift mee. ‘Shit’, mis. De olie belandt niet in maar naast de pan. Doekje pakken, pit droogmaken en opnieuw proberen olie in de pan te krijgen. Maar eerst de pan vastklemmen. Voor het zover is schiet mijn hand uit naar de koffiemokken van die middag die ik vanuit mijn ooghoek zie wegglijden. Te laat. Met een klap belanden ze in de gootsteen. Pannenklemmen onmisbaar? Alles-klemmen hebben we nodig!

(Nog 682 mijl / ca. 4 a 5 dagen)

Routine

Dag 16 op de Grote Oceaan. De dagen op het grote water rijgen zich aaneen. In een vast nachtritme van 3-uurs wachten tussen 20.00 en 08.00 slapen we zo’n 5,5 uur per nacht. Dat lijkt niet alleen weinig, het is ook te weinig zodat we geregeld overdag een powernapje op de bank doen. Rob slaapt op ditzelfde moment terwijl Charlie II ongehinderd voortraast op de stuurautomaat met volledig tuig op.
’s Morgens zijn we actief met de zeilvoering om bij daglicht maximale snelheid te halen. Da’s werken geblazen. Vanochtend bijvoorbeeld. Onze snelheid was matig bij een redelijk rustig zeetje. Tijd voor de genaker. We rollen het voorzeil in. Rob doet zijn tuigje om en zwalkt als een dronken man wijdbeens naar voren. Hij moet voor het zeilluik openen, de vallijn aan de genakerhoes bevestigen en de voorhoek van het zeil aan een naast het anker uitstekende paal bevestigen. In de tussentijd leg ik achter de drie benodigde lijnen klaar voor snel gebruik. Als we beiden klaar zijn, trekt Rob de kous die het zeil bij elkaar houdt omhoog zodat het zeil vrij de ruimte kan kiezen terwijl ik vanuit de kuip zorg dat de lijnen precies voldoende gevierd worden om de 130 m2 strak in de wind te krijgen. Pfff, dat staat. Nog geen vijf minuten later trekt de hemel achter Charlie II helemaal dicht. De lucht wordt gitzwart. ‘Snel! De genaker moet naar beneden!” Het grote zeil is zo kwetsbaar dat het niet tegen veel wind en of regen bestand is. In omgekeerde volgorde halen we de enorme lap weer in om daarna het voorzeil weer uit te rollen.
Een uur later is de rust weergekeerd. Er is geen wolkje meer aan de hemel. De snelheid is wederom te ver teruggezakt naar onze zin. We kijken elkaar aan, Zullen we? Neeuh, effe geen puf meer. En een uurtje meer of minder op ca. 30 dagen maakt ook niet zoveel uit. Veel vaker zeggen we wel ja, soms meerdere malen per dag, tegen het opnieuw aanpassen van de zeilen.
Maar nu even niet dus. Het is alweer bijna tijd voor de radio babbel en er moet eten worden gekookt want warm eten doen we rond een uur of 13.00.

Het meurt! Net voor ik een voet op de kajuittrap zet om de afwas te gaan doen ruik ik een penetrante vislucht. Gatver. Waar komt dat nou vandaan? ‘Oh dat, dat komt van dat blauwe lijntje. Vannacht zat er een inktvisje vastgeplakt aan de lijn toen ik dat door het blok trok. Nu zitten de lijn en het blok dus vol met stukjes inktvis. Dat moet nog schoongemaakt worden’, zegt Rob laconiek. Zout water, zoet water, borstel, wat sop, nog meer water. Er blijft een penetrante vislucht hangen. Morgen nog maar een keer schoonmaken. Het is nu eerst tijd om mezelf te wassen. Rillend sta ik achter op het zwemplateau onder de buiten douche. Best fris als de zon weg is! Zo, nog even wat mailtjes klaarzetten, een uurtje relaxen met een kop koffie en een boterham en dan is het alweer tijd voor Rob’s eerste wacht en mag ik lekker mijn bedje in.

Vele mijlpalen

Met dank aan Wouter kunnen we weer berichtjes plaatsen op de website. Vanaf nu zullen we regelmatig verslag doen van onze tocht naar de Markiezen.

De vier dagen die zijn verstreken sinds het eerste Markiezen-tocht bericht was een periode van vele mijlpalen en eerste keren, grensoverschrijdend in vele opzichten.
Allereerst passeerden we natuurlijk de evenaar. Met argusogen volgden we urenlang onze positie, snelheid en koers. ‘Gaan we de overgang naar het zuidelijk halfrond vandaag nou wel of niet halen?’ Uiteindelijk klokten we op 26 april om 21.06 uur loacle tijd (7 uur vroeger dan in NL) de 0 gr 00 min 000 breedtegraad. Geen Noord. Geen Zuid. Een seconde later is de ‘N’ een ‘S’ (south) geworden. We toasten. Trots als we zijn op onze prestatie en op Neptunus die ons goed gezind is. Zijn glaasje wijn gieten we als dank in zee. De rest van de fles maken we zelf buit, genietend van de enige alcoholische versnapering die we onszelf deze tocht toestaan.
Na een dagje rust gaat het weer los. Zuidwest  van de Galapagos bereiken we het punt vanwaar het nog exact 3.000 mijl is naar Hiva Oa. Met de snelheid van dat moment nog meer dan 30 dagen zeilen. ‘Oeps, da’s nog heel veel. En dat terwijl we er al 10 op hebben zitten. We hoopten dat we er totaal maar 30 dagen over zouden gaan doen. Dat gaat zo nooit lukken!’ We werpen een kritische blik op de windpijl op de top van de mast, schatten zonder werkende windmeter in hoeveel wind er blaast en besluiten daarop de genaker te hijsen. Een goede keuze. De snelheidsmeter, die het wel doet, schiet omhoog. Tegelijkertijd maakt de hengel een hoog gierend geluid. ‘Yes, beet! Precies op het goede moment. Onze vorige vangst is inmiddels in onze magen verdwenen. Druk met de zeilvoering hadden we alleen niet in de gaten dat ons aasvisje grote Boobies (vogels) alarmeerde. De aller brutaalste hangt nu klapwiekend met zijn vleugels aan onze vislijn. Met vereende krachten weten we hem binnen te halen terwijl hij agressief met zijn 5 cm lange scherpe snavel uithaalt naar Rob’s vingers. Met twee handdoeken over zijn kop krijgen we hem tegen de grond gewerkt. Enkele ogenblikken later kan hij bijkomen van de schrik met een vleugelpen minder en een klein wondje. Dobberend op de langgerekte deining verdwijnt hij langzaam uit beeld. Vissen willen deze dag niet meer bijten.
Stiekem had ik gehoopt wat bijzondere Galapagos bewoners tegen te komen. We gaan per slot op slechts 35 km langs het gebied. Maar behalve vliegende vis, Boobies en wel erg Nederlands lijkende meeuwen en zwaluwen zien we geen andere dieren.

Een heel ander grensoverschrijdend fenomeen is die van de tijdgrens. Als we de denkbeeldige lijn 90 graden west passeren, is 14.00 ineens 13.00 uur  waardoor we nog een uur meer van Nederland verwijderd zijn.

De evenaar, hij is in zicht!

De maan is nog niet eens helemaal vol toch lijkt het bijna daglicht door de reflectie van het maanlicht op het vlakke water. In datzelfde licht zien we de vogels die ons vergezellen als witte schimmen tegen de grijze lucht. De motor stuwt Charlie II met een gangetje van 4,5 kn richting het zuiden. Eergistern vierden we Rob’s verjaardag met een vlaggetjes slinger in de kuip en zelfgebakken bananen muffins. En er waren felicitaties via de korte golf radio. Twee maal daags hebben we via de SSB live kontakt met andere zeilers die in de buurt varen. (150 mijl noemen we ook nog in de buurt!)’s Avonds smullen we van de zelfgevangen tonijn. De grootste tot nu toe!
Heen en weer, heen en weer. De afgelopen dagen waarin we volgens het log al 950 mijl hebben afgelegd, maakten we weinig progressie. Uren en uren prachtig zeilen stuurt Charlie II alleen maar van oost naar west en terug terwijl de sterke stroming ons soms bijna terug uit duwt.
Tot gisteren. Onze 7e dag gingen we ineens als een speer de goede kant op tot de wind tegen de avond weer wegviel. Nu nog een paar uurtjes (als alles meezit) dan is er alweer reden voor een feestje. Ditmaal om Neptunes te eren bij het passeren van de evenaar!